Zonder handen
'Alzheimer is als een feestje waar je niemand kent.'
Ooit was Jenny White een orthopedisch chirurg, gespecialiseerd in handen en vingers. 'Behandel ze met grote eerbied', zei ze vaak wanneer ze college gaf. 'Zonder stellen we niets voor. Zonder zijn we amper mens.'
Hoewel ze een koele vrouw is, spreekt ze met veel liefde over haar vak, wordt ze vertederd door vingerkootjes, handwortel- en sesambeentjes. Toch is ze met vervroegd pensioen en heeft ze een permanente oppas in huis. Bij momenten denkt Jenny dat ze nog steeds aan het werk is. Hoewel haar geest al vergaand door Alzheimer is aangetast, blijft haar perceptie van de ziekte beperkt tot 'soms de sleutels niet kunnen vinden'. Intussen kunnen haar kinderen, Fiona en Mark, niet anders dan beslissingen nemen die haar zelfstandigheid en zelfbeschikkingsrecht ondermijnen. Ze is niet meer baas over haar financiën en na een tijdje moet zelfs haar huis verkocht worden en zijzelf opgenomen in een instelling.
Hoewel ze een koele vrouw is, spreekt ze met veel liefde over haar vak, wordt ze vertederd door vingerkootjes, handwortel- en sesambeentjes. Toch is ze met vervroegd pensioen en heeft ze een permanente oppas in huis. Bij momenten denkt Jenny dat ze nog steeds aan het werk is. Hoewel haar geest al vergaand door Alzheimer is aangetast, blijft haar perceptie van de ziekte beperkt tot 'soms de sleutels niet kunnen vinden'. Intussen kunnen haar kinderen, Fiona en Mark, niet anders dan beslissingen nemen die haar zelfstandigheid en zelfbeschikkingsrecht ondermijnen. Ze is niet meer baas over haar financiën en na een tijdje moet zelfs haar huis verkocht worden en zijzelf opgenomen in een instelling.
'Dit is een doodvonnis. De dood van het verstand.'
Het van binnen uit beschrijven van een aftakelende geest, is geen sinecure. Geïnspireerd door de ervaring met haar eigen moeder, zet Alice LaPlante een psychologisch portret neer dat even genuanceerd is als krachtig: vertwijfeling, achterdocht, boosheid, agressie maar ook strijdvaardigheid en humor wisselen elkaar af. Langzaam maar zeker moet Jenny de grip op de werkelijkheid loslaten. Ze verwart heden en verleden, ontkent waarheden, weet niet meer wie ze kan vertrouwen... Dat laatste wordt treffend uitgebeeld in een scène waarin ze de hand, die Fiona vasthoudt, terugtrekt. Ze wil niet dat vrouwen, van wie ze de naam niet weet, haar aanraken.
Op heldere ogenblikken probeert ze haar waardigheid te behouden. 'Het is geen Jenny maar doctor White,' zo corrigeert ze een personeelslid van het verzorgingstehuis. De flitsen van helderheid zijn vaak pijnlijk, bijvoorbeeld, als ze vaststelt dat er over haar heen wordt gepraat. Als vroegere leidinggevende is ze dat helemaal niet gewend.
Als je op die ontluisterende manier naar het einde van je leven onderweg bent, mag je hopen dat je goed omringd bent. Maar ook op gezinsvlak zit niet alles snor. Haar zoon Mark probeert haar geld of kostbaarheden afhandig te maken en ruziet met Fiona. En hoe zit het eigenlijk met Amanda, de mysterieuze, dominante vriendin die onlangs vermoord werd? Omdat zij werd gevonden met chirurgisch afgesneden vingers, is Jenny bovendien verdachte nummer één. Dat deze gruwelijke omstandigheden haar de kans hebben gegeven om haar niet vanzelfsprekende moederliefde onomstootbaar te bewijzen, past perfect in een boek dat de grenzen van de mens opzoekt.
Als je op die ontluisterende manier naar het einde van je leven onderweg bent, mag je hopen dat je goed omringd bent. Maar ook op gezinsvlak zit niet alles snor. Haar zoon Mark probeert haar geld of kostbaarheden afhandig te maken en ruziet met Fiona. En hoe zit het eigenlijk met Amanda, de mysterieuze, dominante vriendin die onlangs vermoord werd? Omdat zij werd gevonden met chirurgisch afgesneden vingers, is Jenny bovendien verdachte nummer één. Dat deze gruwelijke omstandigheden haar de kans hebben gegeven om haar niet vanzelfsprekende moederliefde onomstootbaar te bewijzen, past perfect in een boek dat de grenzen van de mens opzoekt.
'Magdalena zou graag met een schone lei willen beginnen
en ik rouw juist om het feit dat de mijne tegen mijn wil wordt schoongeveegd.’
Een ander beklijvend tafereel is het bezoek dat de vroegere oppas Magdalena aan de opgenomen Jenny brengt. Ze wil het verhaal van haar leven - en haar misstappen - opbiechten aan iemand die het niet zal onthouden. Dat is de tijd waarin de heilige Rita van Cascia, de beschermheilige van de hopelozen, een plekje in Jenny's kamer heeft. In die fase van het boek gaat ook de identiteit van de hoofdpersoon stylistisch verloren. Het ik-perspectief verdwijnt. Er wordt voortaan in de derde persoon over de dementerende gesproken.
Als je het dichtslaat blijft het beeld van een paar handen hangen, de handen van Jenny maar ook die van Amanda, handen die grijpen naar bezit, materieel en geestelijk... en, oh zo moeilijk, kunnen loslaten!
Lees hier het interview dat Alice LaPlante aan De scriptor gaf
Quotering: ****½
Uitgegeven bij Orlando - 2011De boeken van Alice LaPlante


Geen opmerkingen:
Een reactie posten