OMWILLE VAN PRAKTISCHE EN TECHNISCHE REDENEN HEEFT DIT BLOG HELAAS OPGEHOUDEN TE BESTAAN. DE SCRIPTOR DANKT JULLIE VOOR HET JARENLANG TROUW BEZOEKEN VAN DEZE RECENSIEPAGINA'S !

22 april 2013

Domingo Villar - Het strand van de verdronkenen

 De man die ophield met fluiten
 
 
 'De bewoners van Panxón namen tegenover de dode zeeman
 dezelfde behoedzame afstand in acht als hij tegenover hen had bewaard in zijn leven.' 

Léo Ferré, één van de favoriete artiesten van inspecteur Caldas' overleden moeder, heeft het maar deels bij het rechte eind als hij zingt: Avec le temps, va, tout s'en va... Gezichten en stemmen lossen op in de tijd maar wat echt belangrijk is, gaat op z'n minst één mensenleven mee.

Vooraleer de inspecteur en zijn rechterhand, Rafael Estévez, achter deze waarheid komen, legt de zee een eindeloze reeks golven met 'schuimkoppen als lammetjes' op het strand van het Galicische vissersdorp Panxón neer. Het dorp is niet meer wat het geweest is. 'Wij leefden van de haven maar onze kinderen leven liever van het strand', zegt één van de personages. De zee is leeggevist en op de veiling worden vooral schaaldieren verhandeld. Af en toe zoekt een boot de glinsteringen van het water op: dat licht verraadt de aanwezigheid van sardines. Wat verderop, in een grotere haven, meren cruiseschepen aan.

Woeste kust van Galicië © Jaume Meneses
Wat onveranderd is gebleven, is de ziel van de vissers. Het zijn lui van weinig woorden, van replieken die vaak een wedervraag zijn, op hun hoede voor sociale controle en erg (bij)gelovig. Op allerlei manieren proberen ze het boze oog bij zich vandaan te houden. Ze dragen amuletten of hebben zakjes met zout in hun jas. Ze raken even iets van ijzer aan of spugen op de grond. En als dat niet voldoende is, dan vragen ze de Virgin del Carmen, de beschermheilige van het zeevolk, om geestelijke bijstand. 

Maar als op een ochtend een, in zeewier gewikkelde, dode visser aanspoelt, zullen de stijve kaken, als ging het om eendenmossels, moeten worden opengebroken. En waar speurder Caldas zijn verbale doortastendheid toont, wil zijn assistent wel eens een harde voet tegen een deur zetten... of erger. Hoewel de dader een zelfmoord insinueert, wordt het snel duidelijk dat dat afleidingsmanoeuvre geen steek houdt. Hoe 'de blonde', zoals het slachtoffer genoemd wordt (ooit woonden er Kelten in Galicië) aan zijn eind kwam, komt tijdens een nauwgezet, gestaag maar nooit hectisch onderzoek aan het licht. Domingo Villar is op alle vlakken trouw aan het ritme van een dorp dat mee beweegt met de getijden en stromingen. 

Nisgraven, een Galicische traditie © jornalcerto
Een literair verantwoorde dissonant is altijd erg leuk in een boek. Onze inspecteur is allerminst een zeebonk. Wanneer een vriend hem in z'n bootje meeneemt naar een poel waar de sloep van de vermoorde man gedumpt werd, wordt hij zeeziek. Of kwam dat door de krioelende wormen die hij aan de vishaak moest prikken? Caldas is ook zowat de enige die met glimmende schoenen door het dorp struint. En 's nachts wordt hij bezocht door nachtmerries over drenkelingen.

Denken volgens de wetten van de zee kan hij wel. En dat is ook nodig. Om de moord te ontrafelen moet hij zich een weg banen door de gewoonten van de vissers en de reglementeringen waaraan ze zich moeten houden. Hij moet kennis vergaren over waterdiepten en -ondiepten, eb en vloed, zich afvragen welke haven een kapitein opzoekt bij noodweer. 
     
Een Galicisch dorp © jorge rodriguez
Naast het naadloos in elkaar schuivende plot overtuigt dit boek omdat het je het gevoel geeft zelf in die noordelijke uithoek van Spanje aanwezig te zijn. Je ruikt de penetrante geur van laag water, je proeft de rijst in zwarte inktvissaus, je komt samen met Caldas voor dag en dauw in Panxón aan, net wanneer de visafslag tot leven komt maar de lichten van de scheepswerf nog gedoofd zijn. En ergens op de achtergrond fluit een man Solveig's lied uit de suite van Grieg...  

Het strand der verdronkenen straalt een grote naturel uit. Het boek lijkt vanuit de losse pols geschreven en dat is een bedrieglijke gedachte. Natuurlijke taal en plotontwikkelingen verbergen bijna altijd hard schrijverslabeur en dito talent.    
Ook het in thrillers vaak toegepaste idee 'niets is wat het lijkt' werkt deze auteur in een ongedwongen stijl uit. Daarvoor heeft hij geen artificiële, doldraaiende twists en turns aan het eind nodig. De werkelijkheid is op een plausibele manier net even anders dan de lezer en de speurder gedacht hadden.

Villar is een schrijver die je gelooft. En dat is zijn kracht! 


Quotering: *****

Uitgegeven bij Karakter - 2011

De boeken van Domingo Villar

Geen opmerkingen:

Een reactie posten