Elke aanzet voor een boek zou moeten beginnen met een intrigerende vraag. 'Hoe ver zou je gaan om de moordenaar van je kind te vinden?' is het uitdagende vertrekpunt dat Kevin Guilfoile bedacht. Zijn hoofdpersonage, de vruchtbaarheidsarts David Moore, neemt al zijn wetenschappelijke kennis mee op die obsessieve zoektocht en laat zijn beroepsethiek thuis. Daardoor riskeert hij niet alleen zijn baan te verliezen maar ook de gevangenis in te gaan. Gebruikmakend van slordigheid bij de recherche, denkt hij DNA van de moordenaar van zijn dochter in handen te hebben, bedient er zich van om een gekloonde mens op de wereld te zetten en vervalst het bijbehorende medische dossier.
Maar zelfs een topwetenschapper kan de wereld niet sturen. Eerst langzaam, dan steeds sneller, duwt het ene dominosteentje het andere omver. Een paar privé-detectives die het niet te nauw nemen met morele omgangscodes en de hebberigheid van een echtpaar aan de onderkant van de maatschappij, dwarsbomen het uitgekiende plan van de arts. Gedreven door zijn nieuwsgierigheid neemt ook David grote risico's en weigert bovendien de kloon zelf in de pas te lopen.
Op die manier steven je af op een draaiboek dat zichzelf schrijft.
De mens, hoe brilliant ook, is god niet.
Omdat liefde en egocentrisme een breed raakvlak hebben, is
het ook een boek over de schade die leugens, misverstanden en tunnelvisie
kunnen veroorzaken. De mens is soms groot in het grote maar nog vaker in het
kleine.
En de wetenschap staat niet op zich. Wat een onaantastbare
waarheid lijkt, verliest zijn autoriteit als leken - in dit geval politie en
gerecht - interpretatiefouten maken. Plots kan DNA liegen.
![]() |
| © jaccodotorg |
Kevin Guilfoile
zou geen Amerikaan zijn, mocht hij de radicale christenen niet bij
dit verhaal over de maakbaarheid van het leven betrekken. Maar Amerikanen
hebben ook veruit de meeste Nobelprijswinnaars:
hoewel het klonen van mensen niet voor morgen en misschien voor nooit is,
praten we wel al over therapeutisch klonen in verband met
stamceltherapie ter vervanging van cellen of organen.
En de maatschappij
hoort zich ethische vragen te stellen vóór wetenschappelijke
toepassingen daar een stokje voor steken.
'Moordenaar zonder
gezicht' draagt bij aan deze discussie. Hoewel thrillers vrij extreme situaties
schetsen, is het wel duidelijk dat mensen met
kloonambities een enorme ravage kunnen aanrichten.
En of wetgeving
daar tegenop gewassen is ...? Dronken achter het stuur zitten mag ook
niet.
Guilfoile is
naast een onderhoudend verteller, ook een beschouwend mens. Als je het niet erg vindt dat een aantal puzzelstukjes héél vlot in elkaar
schuift en de voortgang van het verhaal opvallende duwtjes in de rug
krijgt, is dit bijzonder kruidig leesvoer... dat een beetje op de maag mag blijven liggen!
Quotering : ****½
Lees hier het interview dat Kevin Guilfoile aan De scriptor gaf



Geen opmerkingen:
Een reactie posten