Een koude zomerdouche
'Iedereen moet betalen voor een moment van onbedachtzaamheid.
De een met zijn leven, de ander met zijn verstand.'
'Winie Maes stierf omdat ze van mening veranderde', zo opent Håkan Nesser dit boek in de Van Veeteren-reeks, waarin de commissaris intussen op een literair zijspoor werd geplaatst. Lang niet altijd slagen auteurs erin om een prikkelende openingszin te bedenken. Dit is er één die niet alleen voor even je aandacht vangt maar tot ver in het plot meegaat. Of deze binnenkomer de trend zet voor een beklijvend boek, is de vraag...
Hoewel de nurkse
commissaris Vrommel officieel het onderzoek naar een verdwenen meisje leidt,
draagt rechercheur Ewa Moreno in 'De dode op het strand' het echte denk- en
actiewerk. Voor haar lopen vakantie en werk deze keer door elkaar: misdaden
houden geen rekening met vrije tijd en gedreven politiemensen draaien niet
zomaar een knop om. Bovendien vertelt haar intuïtie haar dat de
bijna-pensioengerechtigde commissaris van het badplaatsje niet helemaal koosjer
is. Daarom gaat ze op zoek naar harde feiten en bondgenoten. Die laatsten vindt
ze in collega's en een journaliste. Langzaam ontvouwt zich een verhaal dat door
de tijd dreigde begraven te worden, een verhaal waarin 'het hemd nader is dan de broek' en schuld aanwezig is in meer dan één betekenis.
'De tijd heelt vele wonden maar niet die van de schaamte.'
Wie Håkan Nesser kent van het bijzonder ontroerende 'De zomer van Kim Novak' en het invoelende 'De stilte na Sara', weet dat hij een knappe stylist is die tot nadenken stemmende inkijkjes in het menselijk lot bedenkt. Ook in het eerste deel van de Barbarotti-reeks creëert hij literair hoogstaande Bergmaniaanse personages. Hoewel hij in deze (ex-)Van Veeteren-serie af en toe je ziel en je geest raakt, blijft hij ver onder de maat presteren in vergelijking met de drie eerder genoemde boeken. Zelfs de humor haalt geen hoogstaand tongue-in-cheek-gehalte.
Vegesack: ‘Het enige dat we zeker
weten, is dat we niets zeker weten.’
Moreno: ‘Voor zover ik weet, is
dat juist de basis van alle kennis.’
Nesser wordt bovendien een beetje
ongeloofwaardig als hij politiemensen die elkaar pas kort geleden ontmoet
hebben, in een privé-omgeving topoverleg laat plegen. En hoeveel mooier zou het
niet zijn geweest als hij de tweede - korte - verhaallijn helemaal vervlochten
had met de eerste?
Kan een matig misdaadverhaal nog gered worden door een daverend slot? Hum... met veel goede wil. Maar dat zit er deze keer evenmin in. Eén van de slechteriken is altijd een onmens geweest, de tweede komt haast niet in beeld en heeft een zwak motief. De enige geestelijke schoonheid is te vinden in het schuld en boete-thema dat verweven wordt met de geblutste liefde van twee mensen.
Als je van 'De dode op het strand' een lekker weglezend boek verwacht, dan zul je op je wenken bediend worden. Maar wil je geboeid worden door een strak en origineel plot, dan blijf je op je honger zitten. Blijkbaar kunnen ook getalenteerde schrijvers zich verliezen in wijdlopendheid, pover recherchewerk, alledaagse karakters en het uitleggen van denkoefeningen die de gemiddelde lezer al lang zelf gemaakt heeft... en dat laatste bovendien bij herhaling doen.
Ook aan misdaad mag je literaire eisen stellen!
Quotering: ***
Uitgegeven bij De Geus - 2012
Eerste editie 2008


Geen opmerkingen:
Een reactie posten